De term ‘het nieuwe werken’ zoals jaren geleden ontstond, heeft door de corona-crisis in sneltreinvaart zijn intrede gedaan. Maar wat ís het nieuwe werken dan precies?

Het nieuwe werken is niet meer of minder dan het (deels) verplaatsen van de werkzaamheden van kantoor naar een andere locatie, vaak thuis. ‘Het flexibiliseren van werk naar tijd en plaats, waarbij gebruik wordt gemaakt van ICT-oplossingen voor onderlinge communicatie en samenwerking’, aldus het artikel op pwnet.nl.

Door corona kregen werkgevers noodgedwongen te maken met thuiswerkende medewerkers. Iets wat nog niet heel bekend  was en zelfs wat angst inboezemde. Aan de keukentafel, op een zolderkamertje of tussen de rommel in de strijkkamer. Werknemers moesten creatief omgaan met de werkplek en niet iedereen is even gelukkig met deze ontwikkeling. Sommige werknemers hebben moeite met het gebrek aan persoonlijk contact met collega’s, het missen van het van huis gaan en zij hebben meer moeite met de werkplanning doordat werk en privé door elkaar lopen thuis. Echter, de voorstanders geven aan juíst productiever en efficiënter te kunnen werken. Er wordt door hen dus méér werk verricht in minder tijd. Zij kiezen zelf wanneer er een pauze wordt ingelast, of dat zij tussendoor wellicht  iets aan het huishouden doen en daarmee de ‘verloren’ werktijd inhalen op een later moment op de dag. Dat kan natuurlijk niet bij elke werkgever. Sommige mensen dienen op bepaalde tijden bereikbaar te zijn of werken met een deadline. Het komt erop neer dat er een tweedeling is als het gaat over de groep mensen die de ontwikkeling als positief bestempelen.

Uit onderzoek blijkt dat werkgevers toch veelal voordelen ervaren door de huidige ontwikkeling:

  • efficiëntere inzet van medewerkers;
  • hogere productiviteit;
  • betere dienstverlening;
  • behoud van personeel door in te spelen op de behoefte aan flexibiliteit;
  • met betere arbeidsomstandigheden extra kans om goed personeel te werven;
  • lager ziekteverzuim;
  • minder kosten voor kantoorruimte door het invoeren van flexplekken;
  • lagere kosten voor energie;
  • innovatie van werkprocessen met ICT-technologie

Het beroep van een virtueel assistent is vergelijkbaar met een thuiswerker. Een ‘VA’ (afk.) werkt vanuit huis, haar eigen kantoor of op een andere locatie dan het bedrijf van haar opdrachtgever. Natuurlijk kunnen zij elkaar eens in de zoveel tijd ontmoeten maar dat is meestal voor kennismaking en terugkerend overleg. De werkzaamheden worden uitgevoerd via de pc, vaak rechtstreeks in de softwarepakketten van de desbetreffende opdrachtgevers. Doordat zij zelfstandig en efficiënt kan werken, verricht zij meer werk in minder tijd, wordt niet gestoord door de telefoon en heeft geen collega’s om haar heen die haar afleiden zoals dat op kantoor vaak zal zijn. Zij houdt haar werktijden bij in een online timesheet waardoor overzichtelijk is hoeveel tijd werkzaamheden haar gekost hebben. Vaak wordt zij ingezet voor ‘klussen’ die een langere uitwerktijd hebben en waarvoor een deadline is van een dag of twee/drie. Hierdoor kan zij werken op tijden die háár het beste uitkomen. Bijvoorbeeld ‘s avonds laat.

Een binnendienstmedewerker heeft vaak weinig tijd voor werkzaamheden die meer dan een half uur concentratie vragen. De rinkelde telefoon, de binnenlopende klanten én de collega’s met vragen en opdrachten, storen continue om er eens goed voor te kunnen te gaan zitten. Offertes, overeenkomsten, klachtenafhandeling, correspondentie. Zelfs het plannen van een afspraak met meerdere partijen kan een uur duren door de verstoring van de werkzaamheden op kantoor. Een VA kan hierin een uitkomst zijn. Zij neemt een deel van de werkzaamheden over en werkt vanuit haar eigen werkplek de zaken af. Er kan via allerlei communicatiekanalen contact zijn indien nodig, op afstand met beeld en/of geluid. De binnendienstmedewerker kan de zaak draaiende houden en de VA zorgt voor de afhandeling van de tijdrovende zaken. Win-win.

Een VA is een (vaak onzichtbare) collega op afstand die tijdelijk (of structureel) een aantal uren per maand wat werkzaamheden overneemt. Gewoon, om de druk van de ketel te halen, de pieken op te vangen of een tijdelijk verlof in te vullen. Zij kan werkzaam zijn op uurbasis of met een strippenkaart-systeem. Steeds vaker worden er abonnementen afgesloten met een urenpakket die opdrachtgevers in kunnen zetten wanneer het hen uitkomt. Soms verwerkt de VA 2 overeenkomsten op uurbasis maar vaker werkt zij een x-aantal uren per week voor een organisatie en ontvangt hiervoor een vergoeding op maandbasis. De meeste VA’s zijn al inzetbaar vanaf twee uur per week (8 uur per maand). Dat is prettig wanneer niet precies bekend is hoelang een piekmoment aan zal houden binnen een bedrijf.

Volgens Nationale beroepengids is het beroep van Virtual Assistant één van de 21 nieuwe beroepen in ons land (sinds 2017). De verwachting is dat door de komst van corona dit beroep nu nóg sneller terrein zal winnen. Steeds meer werkgevers zien de voordelen van deze dienst en de besparing van de kosten op het niet hoeven betalen van een medewerker als deze niet werkt en het niet hoeven inrichten van een werkplek.

 

 

Wil je het artikel graag delen?